Ga naar hoofdinhoud
Est. JUNI 2015

Dick Nanninga, Groninger die scoorde in een WK-finale (2)

Quizvraagje: Wat lukte Bedumer Arjen Robben niet waar ex-FC Groninger Johan Neeskens en geboren Stadjer Dick Nanninga (1949-2015) wél in slaagden? Antwoord: scoren in de finale van een WK-voetbal.

Neeskens was in 1974 de eerste, al na één minuut voetballen in de finale tegen West-Duitsland. Johan II deed het vanaf de strafschopstip. Robben had in 2010 dé kans om Oranje tegen Spanje via een velddoelpunt op voorsprong te zetten, maar hij raakte de teen van doelman Iker Casillas.

In het hol van de leeuw
Dirk Jacobus Willem ‘Dick’ Nanninga deed het wel. In 1978, in het hol van de leeuw in Buenos Aires, in River Plate-stadium. Al koppend sleepte hij voor Nederland in de finale tegen Argentinië een verlenging uit het vuur. Dick Nanninga werd daarmee de enige Nederlander die in de finale van een WK een velddoelpunt maakte.

De prestatie van Nanninga, alias ‘De Lange’, is des te opmerkelijker omdat hij vijf jaar eerder nog gewoon bij Oosterparkers speelt, de club uit de Oosterparkwijk in Stad, met als thuisbasis het Oosterparkstadion aan de Zaagmuldersweg. Tegenover het stadion wordt hij geboren, als zoon van een glas-in-loodzetter. ‘Ik was altijd aan het voetballen. Als we geen huiswerk meer hadden, dan stonden we op straat.’

Grote Groningers – opdat wij niet vergeten
Veel Groningers, laat staan Nederlanders, hebben er geen idee van dat één van de zeven wereldwonderen uit de moderne geschiedenis is bedacht door een Groninger, dat de eerste vrouwelijke dokter werd geboren in Sappemeer, dat een Groninger aan de basis stond van één van de grootste muzikale revoluties in de jaren zestig, zeventig en tachtig, dat de enige persoon ter wereld die zes bedrijven op de beurs in New York kreeg Groningse roots had, of dat de eerste Nederlandse feministe is geboren en getogen in Stad. Vandaar deze serie, over Grote Groningers, opdat wij niet vergeten.

 

Daar, in het groenwit, speelt hij van zijn zevende tot maar liefst zijn 24ste. Is hij dan zo’n laatbloeier? In zekere zin wel, hoewel hij bij Oosterparkers, op dat moment trouwens nog een gerenommeerde eerste klasser, wel degelijk z’n mannetje staat. Tien jaar achtereen wordt Nanninga in de jeugd van zijn ploeg kampioen. En bij de senioren trekt hij die lijn gewoon door. In zijn laatste seizoen als Oosterparker scoort hij maar liefst 53 keer. Drieënvijftig!

‘Heel Groningen praat over ons’, zegt Nanninga daarover in zijn biografie De Lange van Jeroen Siebelink. ‘Velocitas, Be Quick, ze willen me hebben. Een echte brommer hebben ze voor me over. Maar ik ga hier nooit weg.’

Dick houdt wel van een zwaar sjekkie
Goed, hij is misschien een one trick pony. Want wat kan Nanninga nou meer dan hoog springen en koppen? Technisch ziet het er immers allemaal verre van fraai uit. En dan is er nóg iets dat aan hem kleeft. Zijn levenswandel. Zo houdt Dick wel van een zwaar sjekkie. ‘Even een Weduwe klaarmaken’, is zijn vermaarde lijfspreuk, doelend op het merk shag (Van Nelle) dat hij rookt. Al op zijn twaalfde (!) is hij een kettingroker die het ene saffie met het andere aansteekt. En ook de kratjes bier zijn nauwelijks aan te slepen in huize Nanninga.

Ja, die betonstorter van de Zaagmuldersweg lust ‘m wel, dat weet iedereen

Ja, die betonstorter van de Zaagmuldersweg lust ‘m wel, dat weet iedereen. Ook Ron Groenewoud, hoofdtrainer van FC Groningen, moet er niks van hebben. Kind van de wijk of niet – Groenewoud piekert er niet over om de spits naar de FC te halen.

Cor van der Gijp, zelf bij Feyenoord een kopsterke midvoor geweest, prikt daar echter wel doorheen. Ome Cor is in 1973 trainer geworden van Veendam, en ziet misschien wel wat van zichzelf in Nanninga terug. In een oefenpotje tegen Marum (6-1) ziet Van der Gijp de spits voor het eerst met eigen ogen aan het werk. Nanninga neemt alle zes groenwitte treffers voor zijn rekening.

Nanninga in zijn biografie: ‘‘Ik heb naar je staan kijken’, zegt Cor van der Gijp. ‘Jij bent nergens bang voor.’ Hij biedt 350 gulden per maand. Ik werk in de bouw, dat verdient ook goed, zei ik. ‘Dan kun jij vast wel een leuk wagentje gebruiken, als handgeld. Ik weet nog wel een Opel Kadett Station te staan, een mooie occassion’, zei Van der Gijp.’

Daar kan hij natuurlijk geen nee tegen zeggen. En de spits betaalt met gelijke munt terug: aan de Langeleegte loopt Nanninga één op twee: hij scoort er vijftien keer in 31 wedstrijden.

‘Wat moeten wij met zo’n boer?’, lachen ze bij Feyenoord
‘We hebben nú een spits, zei Van der Gijp, daar gaan we de oorlog mee winnen’, herinnert zich Johan Derksen, die samen met Nanninga een jaar bij Veendam speelde. ‘Wij wisten niet wat we zagen. Je hoefde maar een hoge voorzet te geven, of Dick kopte hem erin. Onbegrijpelijk dat FC Groningen die man door de vingers heeft laten glippen.’

Cor van der Gijp heeft al snel door dat de kwaliteiten van Nanninga Veendam ontstijgen. Derksen: ‘Van der Gijp heeft ‘m daarop aangeboden bij Feyenoord. ‘Met Nanninga word je kampioen’, zei hij erbij, ‘dit wordt de nieuwe spits van het Nederlands elftal.’ Nou, Cor werd daar keihard uitgelachen. Want wat moest Feyenoord nou met zo’n boer? Ook AZ wilde hem niet, maar Roda JC hapte wel toe. Roda-trainer Bert Jacobs heeft ‘m nooit zien spelen, maar nam hem in the blind, op advies van Van der Gijp.’

Van die beslissing heeft Jacobs, voor amper 35.000 gulden, nooit ook maar één seconde spijt van gehad. Nanninga zelf trouwens ook niet. De mentaliteit in het land van de koempels is vergelijkbaar met de zijne, vindt Nanninga. Tot verrassing van velen blijft spits ook in de eredivisie gewoon scoren.

Hij haalt opnieuw zijn moyenne van één op twee
Logisch, vindt Nanninga zelf met terugwerkende kracht. Want Jacobs laat z’n ploeg verzorgd en met drie spitsen spelen. De ballen vanaf de zijkanten, van Gerard van der Lem op rechts en Pierre Vermeulen op links, komen precies op maat. Hij hoeft vaak maar te knikken en het is raak. Nanninga haalt bij Roda opnieuw zijn moyenne van één op twee: op Kaalheide scoort hij 107 keer in 225 duels. Kon minder.

Wat zijn Groningers?
Wij nemen dat ruim in deze serie. Groningse voorouders, geboren en/of getogen in Groningen, hier naartoe gekomen en in Groningen grootse daden verricht – dat zijn voor ons stuk voor stuk (Grote) Groningers.

 

Ron Groenewoud, die in 1975 bondstrainer wordt bij de KNVB in Zeist, krabt zich nog wel eens achter de oren als hij aan de carrière van Dick Nanninga denkt. Want Roda doet het in de lente van 1978 zó voortvarend, dat niet alleen Pierre Vermeulen en keeper Jan Jongbloed worden uitgenodigd om met Oranje te komen oefenen, maar óók die boomlange jaknikker die in de punt van de aanval regelmatig het net laat bollen, en die door Groenewoud vijf jaar eerder nog werd afgeserveerd.

‘Ik heb Groenewoud nog een keer kunnen plagen daarover’, zegt Nanninga daarover in Het Oosterpark, een voetbalbolwerk. ‘Dat moment kwam toen ik op Schiphol het Nederlands elftal tegenkwam. Ik gaf iedereen een hand, maar Groenewoud sloeg ik over. Ik zei: Ik ken jou niet. Ik wilde het hem toch even laten voelen.’

Toch komt het telefoontje van Bert Jacobs nog als een kleine verrassing. ‘Happel wil je mee naar Argentinië’, zegt z’n trainer

Nanninga doet al oefenend met het Nederlands elftal wat er van hem wordt verlangd. Op een mooie zomeravond in Tunis scoort hij tegen Tunesië twee keer. Even later vindt hij ook in Parijs tegen Frankrijk het doel. Toch komt het telefoontje van Bert Jacobs nog als een kleine verrassing. ‘Happel wil je mee naar Argentinië’, zegt z’n trainer.

Het WK in 1978 wordt zijn finest hour, al wordt hij jaren later nog vaak herinnerd aan die ene uitspraak: ‘Die kogels kop ik gewoon terug.’ Tja, hoe gaat zoiets? Een verslaggever had hem gevraagd of hij niet bang was om te voetballen in een politiestaat, en wat-ie zou doen als ze op hem zouden schieten. Nou, terugkoppen dus, die kogels. ‘Stomme vragen, stomme antwoorden’, zegt hij in z’n biografie.

Het lijkt aanvankelijk niet zijn toernooi te worden, want in de tussenronde tegen West-Duitsland krijgt hij de rode kaart. Niet helemaal zijn schuld. Voor een beuk die hij Berti Vogts geeft, krijgt hij geel. Als Johnny Rep vervolgens gran puta naar de scheidsrechter roept, en deze denkt dat Nanninga de boosdoener is, mag hij wieberen: rood! Wel verdorie. Gelukkig zit z’n schorsing er een week later, voor de finale tegen gastland Argentinië, alweer op.

‘Dick, geh mal warmlaufen’
‘Dick, geh mal warmlaufen’, klinkt het in de hoek van de dugout op 25 juni 1978, in een kolkend River Plate-stadium. Er is zo’n 75 minuten gespeeld, en Mario Kempes, de ster van de thuisploeg, heeft Argentinië op een 1-0 voorsprong gezet.

‘Daar komt Dick Nanninga, voor Johnny Rep komt-ie erin, lijkt mij’, klinkt de stem van Theo Reitsma in miljoenen Nederlandse huiskamers. En even later: ‘Haan… René van de Kerkhof… het hoofd van Nanninga… Het is een doelpunt! Het is het hoofd van Nanninga, het is een doelpunt! Het is 1-1, negen minuten voor het einde van de officiële speeltijd!’

Nanninga in De Lange: ‘Drie grote stappen nog, ik weet het al. Een sprong, hoog boven hen uit. De bal en het linker vlak van mijn voorhoofd vinden elkaar. Pats, doelpunt.’

Dick Nanninga scoort namens Oranje in zijn eigen Oosterpark
Dick Nanninga scoort namens Oranje in zijn eigen Oosterpark (Foto: Wikimedia Commons)

Uiteindelijk schopt Nanninga het tot vijftien interlands, waarin hij zes keer doel treft. Behalve die treffer in Argentinië, maakt hij nóg een bijzondere: op 22 februari 1981, tegen Cyprus (3-0), in zijn bloedeigen Oosterpark. De cirkel lijkt helemaal rond, omdat óók oud-GVAV’er Hugo Hovenkamp scoort in die wedstrijd.

De laatste jaren zijn niet mild voor Dick Nanninga. Suikerziekte en botkanker nopen de amputatie van zijn beide onderbenen

Zoals Hovenkamp z’n weg vindt in Noord-Holland, zo doet Nanninga dat in Zuid-Limburg. Hij is zelfs zó in z’n sas met z’n bloemenwinkel in Kerkrade, dat hij een aanbod van Ajax naast zich neerlegt. Piet Keizer komt namens de Amsterdammers de spits vertellen wat hij kan verdienen, maar de linksbuiten krijgt nul op rekest. ‘Dat verdien ik nu al Piet, met de bloemen erbij. Sorry, maar een overstap naar jullie moet wel lonen…’

‘Robben had ‘m in 2010 gewoon moeten maken’
Later verkast hij nog wel naar Seiko Hongkong, kiest vervolgens voor een maatschappelijke carrière bij MVV-sponsor Sphinx, om uiteindelijk neer te strijken in het Belgische Neeroeteren, waar hij achter de toog van z’n eigen café komt te staan.

De laatste jaren zijn niet mild voor Dick Nanninga. Suikerziekte en botkanker nopen de amputatie van zijn beide onderbenen. Eén van die operaties moet hij bekopen met een coma van vijf maanden. Veel aanloop heeft hij in de eindfase van z’n leven niet meer, al komt er af en toe nog een verslaggever op bezoek. Dankzij die ene treffer in 1978 natuurlijk.

‘In 2010 had Robben hem gewoon moeten maken. Dan was ik ervan af geweest’, zegt hij in De Lange.

Dick Nanninga overlijdt op 21 juli 2015 in Maaseik. •

Verschenen in deze serie: Johan van Veen | Dick Nanninga | Wayne Huizenga | Etta Palm | Willem Vroom | Lou Ottens | Jannes van der Wal | W.A. Scholten | Aletta Jacobs | Jan Uitham | Fré Meis | Jan Pelleboer | Renze de Vries | Herman Brood | Sicco Mansholt | Wubbo Ockels | Tonny van Leeuwen

Bronnen: Quotenet | RTV Noord | Youtube | Verhalen van Groningen | ED | De Lange. Het verhaal van Dick Nanninga | Staantribune | Reporters Online

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen. Reuze makkelijk, via bijvoorbeeld iDEAL. Bedankt alvast!

Mijn gekozen waardering € -
Back To Top