Ga naar hoofdinhoud
Est. JUNI 2015

Sint Jakob

In de nok van Martiniplaza hangen drie basketbalshirts, met de nummers 8, 10 en 14. Hopelijk komt daar binnenkort ook het overhemd van Jakob Klompien naast te hangen. Het zou niet meer dan terecht zijn.

Groningen maakte op 29 juni van dit jaar voor het eerst kennis met hem. Ineens zat-ie daar, achter een tafel met microfoon. Hij had slecht nieuws voor Stad en Ommeland. Donar had een schuld van zo’n twee miljoen euro, zo liet hij weten. De club kon alle hulp gebruiken om kans op een doorstart te maken, voegde hij eraan toe.

Ja, Donar zat flink in de shit. Klompien kon het niet mooier maken dan het was.

De fans wisten niet was ze hoorden. Die waren nog maar net bekomen van drie verschrikkelijke minuten in mei, waarin hun club in Leiden een voorsprong van liefst zestien punten én de achtste landstitel verspeelde. En daar kwam ook dit nog eens overheen.

Trouwens, wie was deze brenger van het slechte nieuws eigenlijk? Want er was niemand die hem kende. Nou, Jakob Klompien dus, aangenaam. Groninger van geboorte, voormalig Rabo-bankier in Meppel en in de IJmond. En hij was voorzitter van de raad van commissarissen van Telstar.

Hij was bovendien iemand die recht voor z’n raap is, zo leerde Groningen al snel. Klompien bleek geen man die om de hete brij heen draaide of met meel in z’n mond praatte. Klompien noemde man en paard en spaarde kool noch geit. Hoe het allemaal zover had kunnen komen, die miljoenenschuld? Nou, door de penningmeester, zei Klompien onomwonden.

‘Die flipte compleet, leefde in een parallelle werkelijkheid en heeft een boekhouding achtergelaten waar geen touw aan vast te knopen was.’

Daar was geen woord Frans bij.

Slecht nieuws of niet: Jakob Klompien was voor alles voor duidelijkheid. Iedereen die het wilde kon z’n telefoonnummer krijgen. Schrijf geen onzin, hield hij zijn gehoor voor. Bel me gewoon op, dan vertel ik hoe het zit.

De Donar-fans zaten maanden in onzekerheid. Zou hun club blijven voortbestaan of niet? Ook voor Klompien zelf moet het niet altijd een fijne tijd zijn geweest. Tenzij hij stiekem houdt van gesteggel met schuldeisers, curatoren, BNXT-bobo’s en overheden, dat zou natuurlijk kunnen.

Klompien liep echter nergens voor weg. Of hij per telefoon in Edwin op Noord de stand van zaken nog eens wilde komen uitleggen? ‘Ik kom wel weer langs’, zei Klompien dan, en zat vervolgens voor dag en dauw in de studio in de Mediacentrale. Nee, goed nieuws had hij nog steeds niet. Wel nog meer slecht nieuws: oud-bestuursleden van Donar kunnen voor de financiële malaise hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld. ‘Het is wat het is.’

Lang verhaal kort: eind augustus bleek dan eindelijk dat al z’n gebuffel niet voor niks was geweest. Donar mocht ondanks creatief boekhouden en een bankroet weer meedoen en Klompien zou als manager de bestuurlijke kar nog een tijdje blijven trekken ook.

Donar-fans in de zevende hemel natuurlijk, terwijl Klompiens daadkracht ze ook aan de Boumaboulevard niet was ontgaan. Vandaar dat Sint Jakob de zaken binnenkort óók bij FC Groningen vanuit de raad van commissarissen in de gaten zal houden. Maak de Grote Markt maar vast gereed, zou ik zeggen.

Ik weet het, de verkiezing begint pas na 1 januari, maar voor mij is Jakob Klompien de Groninger van het Jaar. En mocht hij ‘t niet worden, hang dan tenminste zijn boezeroen zo snel mogelijk naast de shirts van Martin de Vries, Jason Dourisseau en Thomas Koenis aan de hanenbalken van Martiniplaza.

Deze column was eerder te lezen bij RTV Noord.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen. Reuze makkelijk, via bijvoorbeeld iDEAL. Bedankt alvast!

Mijn gekozen waardering € -
Scroll naar boven